Intervallen instellen op een Concept2 PM5

Stel op een Concept2 PM5 werk- en rustblokken in en herken het verschil tussen intervallen en tussentijden.

Redactie Gespierd LichaamGepubliceerd 3 min leestijd
Scherm en knoppen van een roeimachine

Je wilt dat het scherm een werkblok aftelt en daarna automatisch naar rust gaat. Bij de volgende ronde moet dezelfde opdracht terugkomen, zonder telkens zelf een stopwatch te starten. Daarvoor gebruik je op de Concept2 PM5 een intervaltraining, niet alleen een tussentijd binnen een doorlopende training.

Kies vooraf of het werkblok eindigt na een aantal minuten of na een afstand. De rust wordt afzonderlijk ingesteld. Schrijf beide op; ‘vier rondes’ vertelt nog niet hoelang of hoe ver je per ronde werkt.

Open het juiste menu

De fabrikant beschrijft de route Select Workout → New Workout → Intervals. Kies vervolgens Intervals: Time voor werkblokken op tijd of Intervals: Distance voor werkblokken op afstand. Afhankelijk van de firmwareversie kan de intervalkeuze direct onder New Workout staan.

Stel de werkduur of afstand in en geef de rustduur op. Controleer beide waarden voordat je bevestigt met het vinkje. Gebruik de handleiding voor jouw monitor als de benamingen afwijken; deze route gaat over de PM5.

Controleer de opdracht vóór je begint

Keuze Het werkblok stopt op Wat blijft open?
Tijdinterval De ingestelde tijd Hoeveel meter je in die tijd aflegt
Afstandsinterval De ingestelde afstand Hoelang je over die afstand doet
Tussentijden binnen één training Geen apart werk-rustblok De training loopt door

Een voorbeeld om de instellingen te controleren is een tijdblok van twee minuten met één minuut rust. Gebruik die twee waarden om te controleren waar werkduur en rustduur worden ingesteld. Op het scherm moeten de twee waarden op hun eigen plek staan.

Wissel tussentijden niet om met rust

Een split verdeelt de gegevens van één doorlopende training in stukken. Vier splits betekenen daardoor niet dat er vier rustpauzes zijn ingesteld. Wil je echte werk- en rustblokken, controleer dan dat je in het intervalmenu zit.

Voor losse oefeningen buiten het apparaat kun je een trainingstimer instellen. Noteer ook daar of een geluid het einde van werk of het einde van rust aangeeft. Dezelfde piep kan anders twee verschillende taken krijgen.

Bewaar de volledige instelling

Schrijf na afloop werkvorm, werkduur of afstand, rust en daadwerkelijk voltooide rondes in je trainingslogboek. Voeg het gebruikte toestel toe. Alleen een totaal aantal meters kan verbergen dat je deze keer langere pauzes nam.

Houd de weerstand en de programma-instelling apart. De drag factor en demperstand beschrijven een andere keuze dan de duur van een interval. Een hoger dempercijfer stelt geen zwaarder tijdprogramma voor je in.

Vergelijk dezelfde opdracht

Wil je later twee sessies vergelijken, neem dan dezelfde werk- en rustafspraken. Verander je van minuten naar meters, behandel dat als een andere opdracht. Het scherm kan beide goed registreren, maar het resultaat beantwoordt niet dezelfde vraag.

Bronnen

  1. Concept2 — PM5: How to use and interval workouts