Roer boter en bloem eerst samen op het vuur tot een gladde pasta. Pas daarna voeg je warme melk in kleine hoeveelheden toe. Zo maak je één pan witte saus voor bijvoorbeeld een groenteschotel; hoeveel porties dat zijn, hangt af van het gerecht waarin je de saus gebruikt.
Ingrediënten voor één pan saus
| Ingrediënt | Hoeveelheid |
|---|---|
| Boter | 50 g |
| Gewone tarwebloem | 50 g |
| Volle melk | 500 ml |
Gebruik een steelpan, garde en een aparte pan of maatkan voor de warme melk. Deze verhouding geeft een gebonden saus; hij is geen vaste dosering voor iedere soep of ovenschotel.
Bereiding
- Verwarm de melk apart tot warm. Smelt de boter op matig vuur zonder te laten bruinen.
- Voeg de bloem toe. Roer tot een gladde pasta en laat al roerend 2 minuten op het vuur garen. Laat de witte basis niet bruin worden.
- Voeg een klein deel van de warme melk toe en klop glad. Voeg pas daarna meer toe. Herhaal totdat alle melk is opgenomen.
- Laat de saus ongeveer 10 minuten heel zacht koken en roer geregeld, ook langs bodem en hoeken. Controleer de gladde structuur en gebruik in het gekozen gerecht.
Hoeveel saus gaat er in je gerecht?
Noteer hoeveel je werkelijk gebruikt. Gaat de helft van deze pan in een schotel voor twee personen, dan is dat niet hetzelfde als de hele sauspan door twee delen. Voor je berekening kun je het totale sausgewicht en de gebruikte hoeveelheid wegen.
Hoeveelheden aanpassen helpt bij het vergroten of verkleinen van de volledige verhouding. In de receptcalculator voer je de melk in op dezelfde basis als de verpakking: 500 ml is hier een afgemeten volume, geen vastgesteld gewicht van 500 gram.
Voor een saus die op een andere manier gebonden wordt, volg je de bijbehorende bereidingsvolgorde. Alles tegelijk koud mengen is niet dezelfde werkwijze als eerst de bloem in boter garen.
