Een grote pot kwark kan goedkoper per kilo zijn dan losse bekers, maar alleen als je hem ook opeet. Kijk bij eiwitbronnen naar de prijs per bruikbare portie, het eiwit in die portie en wat je al in huis hebt. De goedkoopste verpakking is niet altijd de voordeligste maaltijd.
Je kunt supermarktproducten vergelijken met een eenvoudige rekensom. Gebruik de schapprijs van vandaag en de gegevens van de verpakking. Zo ben je niet afhankelijk van een lijst met prijzen die na een aanbieding alweer anders zijn.
Bereken eerst de hele verpakking
Deel het gewicht van de verpakking door 100 en vermenigvuldig dat met het eiwit per 100 gram. Een voorbeeldproduct van 500 gram met 8 gram eiwit per 100 gram bevat in totaal 40 gram eiwit.
Stel dat die verpakking €1,80 kost. Dan betaal je €1,80 ÷ 40 = €0,045 per gram eiwit. Voor een hoeveelheid van 20 gram is dat €0,90. De bedragen en voedingswaarden hieronder zijn verzonnen om de berekening te laten zien, niet actuele supermarktprijzen.
| Voorbeeld | Inhoud | Eiwit per 100 gram | Prijs | Kosten per 20 gram eiwit |
|---|---|---|---|---|
| Product A | 500 gram | 8 gram | €1,80 | €0,90 |
| Product B | 200 gram | 15 gram | €2,10 | €1,40 |
| Product C | 400 gram eetbaar | 7 gram | €1,40 | €1,00 |
Bij product B bevat de hele verpakking 30 gram eiwit. Deel €2,10 door 30 en vermenigvuldig met 20. Bij product C is het eetbare gewicht gebruikt, bijvoorbeeld na uitlekken. Zo deel je de prijs door het eiwit in het eetbare deel van de verpakking.
Vergelijk producten die je kunt gebruiken
De uitkomst zegt iets over prijs en eiwit, niet over de hele voedingswaarde. Een zak noten, een pot bonen en een beker yoghurt vervullen verschillende rollen in een maaltijd. Je hoeft daarom niet alle producten door één winnaar te vervangen.
Kies eerst een bruikbare categorie. Vergelijk bijvoorbeeld twee naturel zuivelproducten voor je ontbijt, of twee soorten peulvruchten voor hetzelfde gerecht. Gebruik vervolgens de uitleg over etiketten lezen om gelijke hoeveelheden tegenover elkaar te zetten.
Begin met gewone producten
Kijk wat je al gebruikt: kwark of yoghurt, eieren, peulvruchten, tofu en andere producten kunnen in gewone maaltijden passen. Een sportnaam of opvallend eiwitgetal op de voorkant maakt een product niet vanzelf voordeliger.
Voor maaltijden zonder vlees kun je de combinaties bij vegetarisch eten en krachttraining gebruiken. Kies vervolgens op prijs, smaak en bereidingstijd. Een goedkoop ingrediënt dat je niet lekker vindt en uiteindelijk weggooit, helpt je boodschappenbudget niet.
Reken verlies en extra ingrediënten mee
Koop je een groot pak dat je voor de helft gebruikt, deel de prijs dan door de hoeveelheid die je daadwerkelijk opeet. In het eerste voorbeeld kost 250 gram gegeten product nog steeds €1,80 wanneer de andere helft verloren gaat. De feitelijke kosten per portie worden dan hoger.
Hetzelfde geldt voor een gerecht waarvoor je meerdere dure toevoegingen moet kopen. Maak een vergelijking op maaltijdniveau als je alleen complete gerechten tegen elkaar afweegt. Een los goedkoop ingrediënt kan onderdeel zijn van een dure maaltijd, terwijl een iets duurder basisproduct juist weinig extra nodig heeft.
Maak een kleine prijsnotitie
Noteer voor drie producten de winkel, datum, inhoud, prijs en eiwitwaarde. Werk de gegevens bij wanneer je opnieuw koopt. Neem aanbiedingen alleen mee wanneer je de aangeboden hoeveelheid kunt gebruiken; een prijsnotitie hoeft geen dagelijkse zoektocht naar de laagste cent te worden.
Bedenk ook welke verpakking past bij jouw week. Een eenpersoonshuishouden kan een andere portiegrootte handig vinden dan iemand die dagelijks voor meerdere mensen kookt. Bereidingstijd en beschikbare koelkast- of kastruimte kunnen de keuze veranderen.
Pas één aankoop aan
Kies één product dat je vaak koopt en reken twee alternatieven door. Houd de rest van je maaltijden ongeveer hetzelfde. Bevalt de goedkopere optie, zet hem dan op je vaste boodschappenlijst voor krachttraining. Zo verlaag je terugkerende kosten zonder je complete eetpatroon te vervangen door producten die toevallig veel eiwit per euro leveren.
