Gerezen melkdeeg wordt zacht en luchtig in een stoommand, zonder een bruine ovenkorst. Hier vullen we twaalf broodjes met vooraf gebakken tofu, kool en champignons. Vier stuks per persoon vormen drie maaltijdporties. Bak de vulling eerst gaar en verdeel die daarna over de deegstukken.
Ingrediënten voor twaalf broodjes
| Voor het deeg | Hoeveelheid |
|---|---|
| Tarwebloem | 360 g, plus wat om te bestuiven |
| Melk, lauwwarm | 227 g |
| Suiker | 74 g |
| Plantaardige olie | 1 eetlepel, plus wat voor de kom |
| Instant gist | 1 volle theelepel |
| Tafelzout | ½ theelepel |
| Bakpoeder | ½ theelepel |
| Voor de vulling | Hoeveelheid |
|---|---|
| Stevige tofu, uitgelekt | 250 g |
| Witte kool | 150 g |
| Champignons | 150 g |
| Bosui | 30 g |
| Gember, geschild | 10 g |
| Olie | 10 g |
| Sojasaus | 15 ml |
Zet een kom, koekenpan, deegroller en stoommand met passende pan en deksel klaar.
Deeg laten rijzen en vulling bakken
- Meng alle deegingrediënten en kneed tot een zacht, elastisch deeg. In een standmixer duurt dat ongeveer 8–10 minuten; met de hand kan het langer duren. Leg in een licht ingevette kom, dek af en laat 1–1½ uur rijzen tot bijna het dubbele volume.
- Dep de tofu droog en verkruimel fijn. Snijd kool, champignons, bosui en gember klein. Bak de tofu in de olie, voeg de groente en gember toe en bak tot de groente gaar is en vrijgekomen vocht is verdampt. Meng de sojasaus erdoor. Laat afkoelen tot de vulling niet meer dampt.
- Weeg de gare vulling en zet die klaar voor het vullen. Gebruik per broodje een klein hoopje dat ruim binnen het deeg past, met voldoende vrije rand om de plooien te sluiten. Houd wat niet past apart om naast de broodjes te serveren; vul ze niet zo vol dat de rand openvalt.
Vormen en stomen
- Druk de lucht voorzichtig uit het deeg. Verdeel in twaalf gelijke stukken, ongeveer 58 gram per stuk. Dek de stukken af terwijl je werkt.
- Rol elk stuk tot een rondje van ongeveer 10–13 cm, met de rand dunner dan het midden. Schep een hoopje vulling in het midden. Trek de rand in kleine plooien omhoog en knijp de plooien samen; laat bovenin een klein stoomgaatje.
- Vorm eerst alleen de broodjes die met enkele centimeters tussenruimte in één stoomronde passen. Houd de overige deegstukken afgedekt. Zet de gevormde broodjes op eigen vierkantjes bakpapier, dek af en laat 15–20 minuten rijzen. Vorm de volgende ronde terwijl de eerste rijst of stoomt, zodat ook die broodjes hun eigen tweede rijstijd krijgen.
- Zet de stoommand boven het water, niet erin. Houd stoomopeningen vrij en volg de wateraanwijzingen van je pan. Stoom een ronde ongeveer 15 minuten boven matige stoom tot het deeg gaar en stevig is en terugveert bij aanraken. Controleer een broodje vanbinnen op gaar deeg; geef het zo nodig langer.
- Stoom de volgende ronde en verdeel de twaalf broodjes over drie porties van vier. Verdeel eventuele extra gare vulling eveneens over die drie porties.
Voor kant-en-klare dunne vellen, zonder gistdeeg, zijn er dumplings met tofu en champignons. Een volkorenbrood uit de oven vraagt om een andere bereiding. Bij hoeveelheden aanpassen tel je ook het aantal stoomrondes mee. Bereken de werkelijk gebruikte ingrediënten met de receptcalculator; twaalf broodjes zijn hier drie maaltijdporties.
