De korte korrels garen in dezelfde lage pan waarin je de ui fruit. Schenk telkens een beetje warme bouillon erbij en roer regelmatig. De plakjes paddenstoel bak je apart, zodat ze kleur krijgen voordat ze door de romige rijst gaan. De groene erwtjes komen tegen het einde erbij.
Voor twee borden heb je een ruime hapjespan, koekenpan, kleine bouillonpan en lepel nodig. Reken op 10 minuten voorbereiden en 25 tot 35 minuten koken. Kies rijst die op de verpakking voor deze bereiding bedoeld is, bijvoorbeeld arborio.
Ingrediënten voor twee porties
| Ingrediënt | Hoeveelheid |
|---|---|
| Risottorijst, droog | 150 g |
| Champignons | 250 g |
| Doperwten uit de diepvries | 150 g |
| Ui, schoongemaakt | 80 g |
| Olijfolie | 15 g |
| Water voor bouillon | 700 ml, plus heet water indien nodig |
| Groentebouillonproduct | Volgens verpakking voor 700 ml |
| Parmezaanse kaas, geraspt | 30 g |
| Zwarte peper | Naar smaak |
Bereiding
- Snipper de ui en snijd de champignons in plakjes. Bereid de bouillon in de kleine pan en houd die warm.
- Verwarm 10 gram olie in de koekenpan. Bak de champignons in een ruime laag tot het vrijgekomen vocht verdampt en de plakjes kleuren. Zet apart.
- Fruit de ui met 5 gram olie ongeveer 3 minuten in de hapjespan. Schep de droge rijst erdoor en verwarm ongeveer een minuut, zonder bruin te laten worden.
- Voeg ongeveer een soeplepel warme bouillon toe. Laat zacht koken en roer regelmatig. Voeg weer een lepel toe wanneer het meeste vocht is opgenomen. Houd zo ongeveer 20 minuten aan en controleer tussendoor de korrels.
- Bereid de diepvrieserwten volgens hun verpakking, zo nodig apart. Roer ze met de gebakken champignons door de rijst zodra de korrels bijna gaar zijn.
- Controleer de gaarheid: de korrels moeten gaar zijn maar hun vorm houden. Voeg bouillon of heet water toe als de pan eerder droogvalt. Roer de kaas er op het einde door. Verdeel direct over twee borden.
Regel het vocht aan het einde
De 700 ml is wat je klaarzet; gebruik wat nodig is om de rijst gaar en schepbaar te maken. Het resultaat hoort niet als losse drooggekookte korrels op het bord te liggen. Roer een kleine scheut heet water erdoor wanneer het mengsel vóór het serveren te stevig wordt.
Gebruik voor een berekening het droge graangewicht en de daadwerkelijk toegevoegde kaas en olie. Bij rauw of gekookt wegen houd je die vormen uit elkaar. Voor een gerecht waarin kleine pasta juist in ruim vocht gaart, maak je minestrone.
