Dunne stukken kip krijgen achtereenvolgens bloem, losgeklopt ei en panko, en daarna dezelfde laag nog een keer. De buitenkant bak je lichtbruin terwijl ook het midden gaar wordt. De aardappelsalade maak je met schoon materiaal vooraf; deze maaltijd is voor vier personen.
Ingrediënten voor vier personen
| Ingrediënt | Hoeveelheid |
|---|---|
| Kipfilets | 2, elk in twee dunne stukken |
| Tarwebloem | 50 g |
| Eieren | 3 |
| Panko | 75 g |
| Milde olijfolie | 6 eetlepels |
| Vastkokende aardappelen, geschild | 800 g |
| Komkommer | 300 g |
| Magere yoghurt | 150 g |
| Mosterd | 1 theelepel |
| Bieslook | 10 g |
| Peper | naar smaak |
Gebruik drie diepe borden, deegroller, folie, koekenpan, kernthermometer en aparte spullen voor de salade.
Bereiding
- Snijd de aardappelen in gelijke stukken en kook gaar. Giet af en laat voor direct serveren afkoelen. Meng de yoghurt met mosterd en gehakte bieslook. Snijd de gewassen komkommer en meng alles in een schone kom. Zet gekoeld weg terwijl je de kip maakt.
- Snijd elke kipfilet in twee dunnere filets. Leg tussen folie en sla gelijkmatig tot ongeveer 1 cm dik.
- Verdeel bloem, losgeklopte eieren en panko over drie aparte borden. Haal ieder stuk door bloem, ei en panko, en herhaal die drie stappen.
- Verhit de olie op middelhoog vuur. Bak de stukken ongeveer 8–10 minuten en keer halverwege; werk zo nodig in rondes. Controleer met een keukenthermometer de dikste kern op minstens 75 °C. Een bruine korst is niet voldoende.
- Leg gare kip op een schoon bord en verdeel met de salade over vier personen. Gooi de restanten uit de rauwe paneerborden weg.
Houd de salade apart
Rauwe kip, ei en paneerresten horen niet bij de koude salade of gare kip. Bij kruisbesmetting voorkomen lees je hoe je de werkplek indeelt. Voor het bijgerecht kies je aardappelen die stevig blijven; zie aardappelen kiezen.
De hoeveelheid bloem, ei en panko in de borden is niet automatisch de hoeveelheid die je opeet. Hetzelfde geldt voor olie die in de pan achterblijft.
