Geweekt brood, fijngesneden ui en peterselie gaan door mager rundergehakt. Je vormt kleine balletjes ter grootte van een walnoot en laat ze eerst in de koelkast steviger worden. Bak ze gaar en geef ze met kort verwarmde tomaat en gekookte aardappelen aan twee personen.
Ingrediënten voor twee personen
| Ingrediënt | Hoeveelheid |
|---|---|
| Bruine of volkoren boterham | 1 |
| Halfvolle melk | 2 eetlepels |
| Kleine ui | 1 |
| Peterselie | 3 takjes |
| Mager rundergehakt | 150 g |
| Aardappelen | 6 |
| Tomaten | 300 g |
| Vloeibare margarine | 2 eetlepels |
| Peper | naar smaak |
Gebruik een kom, koekenpan, kookpan en kernthermometer. Zes aardappelen en één boterham zijn aantallen, geen vast gewicht in grammen.
Bereiding
- Scheur het brood klein en laat met de melk weken. Snipper de ui en houd de helft apart. Hak de gewassen peterselie.
- Meng de helft van de ui, peterselie en peper met het brood en gehakt. Vorm kleine balletjes van walnootformaat. Dek af en zet 15 minuten in de koelkast.
- Schil de aardappelen en kook in weinig water ongeveer 20–25 minuten tot gaar. Was de tomaten en snijd klein, met schoon materiaal dat geen rauw gehakt heeft geraakt.
- Verhit de margarine en bak de balletjes ongeveer 8 minuten rondom bruin en gaar. Controleer de dikste kern op minstens 75 °C; laat zo nodig langer garen.
- Voeg tomaat en de overige ui toe en laat ongeveer een minuut mee pruttelen. Verdeel alles met de afgegoten aardappelen over twee borden.
Controleer de kern
Een bruin oppervlak zegt niet hoeveel het midden is verhit. Gebruik de keukenthermometer en leg de gare balletjes op schoon servies. Houd bij het vormen rekening met rauw en gaar voedsel scheiden.
Wil je gewichten noteren, weeg de geschilde aardappelen en de werkelijk gebruikte boterham. Het aantal balletjes hangt af van de grootte; deze hele pan blijft verdeeld over twee maaltijdporties.
