Twee apparaten kunnen tijdens dezelfde fietstocht verschillende aantallen slagen per minuut tonen. Kijk eerst waar hun getallen vandaan komen: een optische sensor gebruikt licht aan de pols, terwijl een elektrische band via elektroden tegen de borst meet. Controleer daarna of het horloge werkelijk zijn eigen sensor gebruikt of de gedragen zender ontvangt.
Controleer eerst de bron
Een horloge met een gekoppelde zender kan het ontvangen signaal tonen. Vergelijk je dat display met de app die dezelfde zender uitleest, dan vergelijk je twee weergaven van één bron. De handleiding en het actieve sensorscherm vertellen welke verbinding wordt gebruikt. Bij een hartslagzender koppelen staan de stappen voor het daar beschreven toestel.
Schrijf bij beide registraties op welk apparaat en welke sensor actief waren. Noteer ook de sport, de gebruikte activiteitstand en hetzelfde tijdstip. Een hoogste waarde uit de ene app naast een gemiddelde uit de andere zetten, beantwoordt een andere vraag.
Zet gelijktijdige waarden naast elkaar
Gebruik voor je eigen notitie een klein aantal herkenbare momenten in dezelfde activiteit. Hieronder staan gekozen voorbeeldgetallen.
| Tijd vanaf de start | Weergave A | Weergave B | Opmerking |
|---|---|---|---|
| 5 minuten | 118 bpm | 121 bpm | Beide registraties lopen |
| 10 minuten | 139 bpm | 133 bpm | De weerstand is net veranderd |
| 15 minuten | 129 bpm | 131 bpm | Zelfde tijdstip afgelezen |
Zo'n tabel maakt duidelijk welke waarden je vergelijkt. Hij bepaalt niet zelfstandig welk apparaat op ieder moment juist zat. In validatieonderzoek wordt een vooraf gekozen referentie gebruikt en worden meetverschillen over deelnemers en activiteiten onderzocht. Onderzoek naar oudere modellen is geen test van een nieuw horloge dat toevallig van hetzelfde merk is.
Houd activiteit en instelling erbij
Een overzicht van onderzoek naar optische metingen vond verschillen tussen activiteiten. Een gemiddelde afwijking over een groep is bovendien geen vast correctiegetal voor jouw opname. Tel daarom niet standaard een percentage op bij elke waarde.
Wil je een andere sensor kiezen, controleer dan bij een borstband kiezen de maat, verbinding en ontvanger. Houd de gemeten waarden apart van een op leeftijd berekende maximale hartslag: die formule controleert de nauwkeurigheid van geen van beide registraties.
